Social Aspects #4: Richard Kofi

May 15, 2019

In zwarte gemeenschappen wereldwijd zijn kapperszaken van groot gemeenschappelijk belang. Het gaat bij de kapper nooit alleen om haar, maar ook om samen zijn en identiteit.

 

West-Afrikaanse kappers zijn volgens onderzoeker en fotograaf Andrew Esiebo (1978, Lagos) “publieke-intieme ruimtes”. In zijn onderzoek naar Afrikaanse kapperszaken merkte hij op dat klanten en kappers persoonlijke verhalen uitwisselen over werk, relaties en de maatschappij. Samen met hun klanten geven kappers vorm aan een collectief geheugen, dat hevig wordt beïnvloed door een gedeelde politieke belangen en een soort gemeenschappelijke taal, dat een weerspiegeling is van de etnische samenstelling van het klantenbestand.  


In de Verenigde Staten van Amerika is er in zwarte gemeenschappen ook een sterke kappers-traditie. Na de afschaffing van slavernij in Amerika waren kapperszaken één van de weinige ondernemingen die zwarte mensen zelfstandig mochten starten in het racistische politieke en economische Jim Crow systeem van die tijd. Kappers bepaalden hierdoor de economische dynamiek van hun wijken. Haar lijkt door al deze geschiedenissen slechts bijzaak, maar niets is minder waar. Door deze context worden mooie kapsels juist gelinkt aan emancipatie, collectiviteit, saamhorigheid en onafhankelijkheid.


In Nederland hebben zwarte kapperszaken een vergelijkbare rol in de gemeenschap. Ze bieden een alternatieve realiteit, buiten de dynamiek van de stad of je gezin. De kapperszaak is een plek waar je kunt herstellen van een zware werkweek en je klaar kunt maken voor de volgende. Het zijn plekken waar zwart-zijn even niet tegenover witheid staat, maar waar  schoonheid de basis zijn voor gesprek. Dit maakt kapperszaken belangrijke platforms van solidariteit; een veilige omgeving, waar vernieuwende artistieke, politieke, activistische en zakelijke ideeën worden uitgewisseld. En er wordt altijd gelachen. Dit geldt ook voor barbershop Hair Design Eagle, een publiek-intieme ruimte die al veertien jaar gevestigd is aan de Hommelsestraat in Arnhem.


Deze unieke sfeer van solidariteit gebruikt Richard als uitgangspunt voor de serie C’est l’époch die hij maakt voor Social Aspects #4. C’est l’époch komt tot stand in samenwerking met kunstenares Fana Richters, dichter Rohan Ayinde en fotograaf Elisabette Agyeiwaa. Met hen maakt hij scènes geïnspireerd op beeldbepalende representaties van kapperszaken uit de filmgeschiedenis en fotografie. Het karakter van het project is gaandeweg erg veranderd. Waar Richard eerder de kapperszaak als tegenpool wilde presenteren van witte instituten zoals musea en monumenten met een koloniaal verleden, heeft hij nu de wereld buiten de kapperszaak weggelaten. Hierdoor staat enkel gemeenschap en saamhorigheid centraal.


Deze omkering is mede-geïnspireerd door het werk Alternative Kidz van fotograaf Musan N. Nxumalo (1986, Soweto) die een groep jonge activisten heeft gevolgd tijdens hun Rhodes Must Fall protesten. Ook volgde hij ze tijdens het uitgaan. Zijn werk laat zien dat hun activistische idealen gecreëerd worden op plekken van samenkomst en dat op de dansvloer onrecht en pijn verwerkt worden. De uitgaansfoto’s zorgde voor een uniek kijkje in een wereld die de activisten zelf hadden gecreëerd.


Ondanks Richard de enige was die geknipt werd die dag, voelde deze dag voor alle betrokkenen als een hele fijne ontlading en ontspanning. Dit is naar mijn mening goed verbeeld in het beeldmateriaal. De komende weken zal deze fotoserie zich verder uitbreiden met  meer foto’s en/of  film. Een klein voorproefje van dit project is momenteel al te zien in Rozet, in samenwerking met Museum Arnhem, onder de titel ‘Living here for minutes now’.

Share on Facebook
Share on Twitter
Please reload

Featured Posts

Museumtalent 2019 en Mounir..

October 8, 2019

1/2
Please reload

Recent Posts
Please reload

Archive